|
Op dinsdag 26 januari vertrokken we rond 5 uur vanaf de Hervormde Kapel in Wierden richting Wit-Rusland. Onderweg in Polen gaf de thermometer in de auto al -20 aan, dus warme kleding was duidelijk geen overbodige luxe.
De eerste avond hebben we overnacht in een motel in Polen. Op woensdag kwamen we ’s avonds aan in Kobrin. Onze gastheer was George Dmtrouk, waar we de eerste avond in Wit-Rusland hebben gelogeerd. Na een eerste kennismaking en een gezamelijke maaltijd was er ’s avonds tijd voor wat overleg over onder andere het House of Peace en stichting Gichon.
Donderdag hebben we het House of Peace bekeken, het gebouw ziet er goed uit maar binnen moet er duidelijk nog genoeg werk gebeuren voordat het klaar is voor de kinderen die er zullen verblijven. Het was in elk geval mooi om te zien dat het begin er is en dat het gebouw goede mogelijkheden biedt.
Na het bekijken van het House of Peace vertrokken we in de loop van de middag richting Tserablitsi. Dit dorp ligt in de regio waar de kinderen vandaan komen waarvoor het House of Peace bedoeld is en in het dorp wonen kinderen die een aantal jaren terug in Nederland op bezoek zijn geweest in gastgezinnen, onder andere in Vriezenveen. We hebben hier gelogeerd bij een aantal gastgezinnen. Wat meteen opvalt is de gastvrijheid van de mensen, die ondanks dat ze zelf weinig hebben toch de moeite nemen om uitgebreid voor ons te zorgen. Ondanks dat de communicatie in eerste instantie wat moeizaam verliep, lukte het met wat eenvoudig Duits toch om een leuke gesprek te hebben. De vader van het gastgezin liet ons onder andere enthousiast de foto’s van zijn militaire dienst tijd zien, nog uit het Soviet tijdperk. Ook lieten ze ons de hout oven zien waarin gekookt werd en de kachel, wat natuurlijk wel een verschil is met wij als Nederlanders thuis hebben. Wat ook wel even wennen was voor ons als verwende Nederlanders was het toilet, een houten hokje buiten. Aangezien de temperatuur nog steeds ruim onder -10 lag, was dit ook wel iets anders dan thuis.
De volgende dag, vrijdag, hebben we ’s ochtends de “Kolchos” in Tserablitsi bekeken. In dit kleine dorp is deze staatsboerderij een belangrijke bron van werkgelegenheid. In de directe omgeving is er een winkel, een school en het bos waar hout gekapt wordt maar verdere handel en industrie is er op deze plek niet, dus de mogelijkheden zijn er beperkt. Het was erg leuk om te zien maar ook hier waren de verschillen met een Nederlandse boerderij wel duidelijk.
’s Middags vertrokken we weer richting Kobrin, waar we aan het begin van de avond aankwamen bij George. ’s Avonds was er tijd voor overleg met George over het project deze zomer vanuit Wierden. Hij was erg enthousiast, vooral over de mogelijkheid van samenwerking tussen Nederlandse jongeren en de jeugd uit Kobrin tijdens het project. Het was wel duidelijk dat er nog genoeg te plannen en te regelen valt als voorbereiding, om te zorgen dat het project straks goed zal verlopen. Gelukkig klikte het goed en verliep het overleg prima, niet in de laatste plaats door het enthousiasme van George.
Zaterdag ochtend hebben we een bezoek gebracht aan het weeshuis in Kobrin. Het was erg mooi om te zien hoe blij we de kinderen daar konden maken met het meegebrachte snoep, de knuffels en de ballonnen. Vooral de ballonnen vielen erg goed in de smaak bij de kids. Ondanks dat de kinderen erg vrolijk waren tijdens ons bezoek is het natuurlijk wel een moeilijke gedachte dat deze kinderen op zo’n jonge leeftijd eigenlijk al niemand meer hebben. Het weeshuis ziet er netjes en gezellig uit maar dit kan natuurlijk nooit de warmte van een normale gezinssituatie vervangen.
Na afloop van het bezoek aan het weeshuis begonnen we aan de terugweg, waarbij we weer overnachten in Polen. Uiteindelijk kwamen we rond 5 uur weer in Wierden aan. Ondanks dat het maar een paar dagen was, hebben we toch veel ervaringen opgedaan en hopelijk in elk geval een goede basis gelegd voor het project deze zomer. |